De Gouden Koets
De Gouden Koets werd in 1898 geschonken aan Koningin Wilhelmina door de bevolking van Amsterdam. Koningin Wilhelmina nam de koets voor het eerst in gebruik in 1901 bij haar huwelijk. Sinds 1903 wordt de Gouden Koets gebruikt op Prinsjesdag.
De Gouden Koets is gebouwd van Javaans teakhout en deels bedekt met bladgoud. Aan weerszijden van de staatsiebok is het nationale rijkswapen opgenomen. De vier wielen van de koets symboliseren zonnen. Op de kroonlijst van de koets zijn de wapens van de toenmalige 11 provincies van Nederland afgebeeld. Daarnaast is ook het wapen van de stad Amsterdam te zien.
De koets is een berline op acht veren, getrokken door acht paarden. Alleen als het staatshoofd de koets gebruikt, wordt deze getrokken door acht paarden. Bij het huwelijk van Prins Willem-Alexander en Prinses Máxima werd de koets door zes paarden getrokken.

