Naar de navigatie

Milieu en leefomgeving

Energiebesparing en vermindering uitstoot CO2

Nederland wil in 2020 één van efficiëntste en schoonste energievoorzieningen van Europa hebben. Het kabinet neemt in 2009 verschillende maatregelen o.a. op gebied van landbouw en veeteelt, lager energieverbruik in huishoudens, energiezuinige nieuwbouw (er komt een scherpere norm voor het energieverbruik van nieuwbouwwoningen), minder uistoot CO2 personenauto's en vrachtauto's en het verhogen van het gebruik van duurzame energie. In 2009 is voor het totale klimaatbeleid en duurzame energiebeleid ruim 1,7 miljard euro beschikbaar.

Investeringen in duurzame energiehuishouding

Het kabinet investeert deze kabinetsperiode € 438 miljoen in een duurzame energiehuishouding (Innovatieagenda Energie). Er wordt geïnvesteerd in onder anderen duurzame mobiliteit, groene grondstoffen, nieuw gas, duurzame elektriciteit en de kas als energiebron. Minder energieverbruik en het bevorderen van het gebruik van alternatieve energiebronnen is nodig om het klimaat te ontlasten, omdat de energievraag wereldwijd stijgt (mede door de snelle ontwikkeling van landen als China en India) en er een moment komt dat de fossiele brandstoffen (zoals olie en aardgas) uitgeput raken.

Meer gebruik van windenergie

Het kabinet wil meer gebruik maken van windenergie op land en zee. Het zal draagvlak proberen te krijgen voor veel meer windmolens in ons land. Het kabinet wil in 2009 nieuwe windturbines op land die 500 Megawatt (MW) stroom opwekken. Dat zijn ongeveer 165 windmolens. Ook worden in 2009 vergunningen toegekend voor windparken op zee. Nog deze kabinetsperiode wordt subsidie toegezegd voor windparken op zee die minstens 450 MW elektriciteit produceren. Hiervoor trekt het Rijk €120 miljoen euro subsidie per jaar uit.

Waterveiligheid

Om Nederland in de toekomst beter te beschermen tegen hoog water, zijn er verschillende projecten in uitvoering om de zwakke schakels aan de kust aan te pakken. Zo wordt in 2009 wordt de boulevard van Scheveningen opgehoogd en vernieuwd. Ook wordt in 2009 besloten hoe de renovatie van de Afsluitdijk vorm zal krijgen. In 2015 is de aanpak van alle zwakke schakels klaar en voldoen alle primaire waterkeringen aan de wettelijke normen.

Toekomstige kilometerprijs: anders betalen voor mobiliteit

Het bezit van een auto zal niet langer worden belast, maar het gebruik ervan. Dat is het idee achter de kilometerprijs. Het uitgangspunt is dat de gemiddelde autorijder niet meer gaat betalen, maar anders. Daarom wordt de huidige belasting die bij aankoop van een auto betaald moet worden (BPM), ook geleidelijk aan afgeschaft. De kilometerprijs wordt afhankelijk van plaats, tijdstip en milieukenmerken. Dit betekent dat mensen die veel rijden in de spits en op drukke knooppunten en mensen die rijden in een milieuonvriendelijke auto het meest zullen gaan betalen. Doel van de invoering van de kilometerprijs is de wegen en het milieu te ontlasten, bijvoorbeeld omdat meer mensen buiten de spits of in zuinigere auto's gaan rijden. Ook worden kosten op een eerlijkere manier verdeeld.

Stapsgewijze verschuiving van BPM naar MRB

Voor de invoering van de kilometerprijs en onder het motto van "De vervuiler betaalt" moet een verschuiving worden aangebracht van de belasting bij aanschaf (Belasting Personenauto's en motorrijwielen, BPM) naar de belasting voor gebruik (motorrijtuigenbelasting, MRB). Kijk ook bij automobilisten.

Financiële prikkels voor verdere vergroening mobiliteit

Ook worden via andere fiscale maatregelen positieve financiële prikkels ingevoerd voor de verdere vergroening van mobiliteit. Zo worden de belastingen op de aanschaf en het gebruik van zeer zuinige auto's verder verlaagd. Met de introductie van een tweede verlaagd tarief voor de fiscale bijtelling van de auto van de zaak zullen milieuvriendelijke vormen van mobiliteit nog verder worden gestimuleerd. Kijk ook bij automobilisten.

Stimulans voor duurzame producten

Het kabinet wil het aanbod van duurzame producten (producten waarbij bij de totstandkoming rekening is gehouden met milieu en mens) vergroten en stimuleert via fiscale prikkels innovatie op dit gebied.

Rijksoverheid gaat zelf 100% duurzaam inkopen

In 2009 komt er een volledig pakket van criteria voor duurzaam inkopen, zodat de rijksoverheid in 2010 voor 100 procent duurzaam kan gaan inkopen, de gemeenten voor 75 procent en de provincies en waterschappen voor 50 procent.

Cradle to Cradle

Het kabinet introduceert in 2009 elementen van het Cradle-to-Cradle concept. Dat betekent dat producten zo worden ontworpen dat niets ervan ooit hoeft te worden weggegooid. De producten zijn volledig afbreekbaar of de afgedankte onderdelen vormen de grondstof voor nieuwe producten.

Bescherming van landschap

In 2009 start een campagne om het grote publiek meer te betrekken bij het beschermen en onderhouden van het landschap. Vanaf 2009 wordt jaarlijks 3 miljoen euro beschikbaar gesteld voor maatregelen die de kwaliteit van het Nederlandse landschap beschermen en ongewenste ontwikkelingen op dit gebied tegen gaan. In het najaar 2008 presenteert het kabinet haar plannen in de Agenda Landschap. Er zal meer aandacht zijn voor de herstructurering van bedrijventerreinen en voor zogenaamde panorama's (uitzicht op landschap), vanaf de snelweg en vanuit de trein.

Meer groene ruimte

De druk op de ruimte in Nederland neemt toe. Voor het realiseren van meer groen is voor de periode 2007 - 2013 in totaal 3,2 miljard euro beschikbaar, het Investeringsbudget Landelijk Gebied (ILG). Met dit geld kunnen provincies meer groen in en rond steden realiseren. Ook wordt hieruit onder meer het project Greenports, nationale landschappen, en het realiseren van de Ecologische Hoofdstructuur gefinancierd.

Extra geld voor beheer recreatiegebieden

Het aantal recreatiegebieden rond steden neemt toe en daarmee de kosten van het beheer van deze gebieden. In 2009 komt 1 miljoen euro extra ter beschikking.

Voorkomen nieuwe probleemwijken

Het kabinet wil voorkomen dat er nieuwe probleemwijken ontstaan en heeft daarvoor een aanvullend budget van 60 miljoen voor 2009 en 2010. De 31 grote gemeenten kunnen voor de eerste tranche van 30 miljoen euro een aanvraag indienen met een projectvoorstel. Gemeenten zonder een aandachtswijk hebben daarbij voorrang. De tweede tranche van 30 miljoen wordt eind 2009 opengesteld en dan met een voorkeurspositie voor steden buiten de G31.


Zoeken